National Institute of Standards and Technology (2023). AI Risk Management Framework (AI RMF 1.0). NIST.
Gebruikt als structuur voor het risicomanagement rond de AI-onderdelen van dit product.
Onderbouwing
Dit product combineert modellen met heel verschillende onderbouwing. De Big Five is een van de best onderzochte structuren in de persoonlijkheidspsychologie. DISC is bruikbare gedragstaal met beperkte wetenschappelijke onderbouwing. Onderzoek naar het Enneagram laat gemengde resultaten zien. Je hoort dat verschil te zien, in plaats van dat het onder een groen vinkje verdwijnt.
Waarom geen groen vinkje
Een score van 70 betekent dat je antwoorden op die schaal boven het midden van de gebruikte referentiewaarden uitkomen. Het betekent niet dat je ergens goed of slecht in bent, en het voorspelt niet wat je gaat doen. Verschillen die kleiner zijn dan de aangegeven meetmarge zijn geen verschillen. De referentiegroep is op dit moment voorlopig: theoretisch bepaald, niet verzameld.
Ipsatief en normatief
Over DISC en Enneagram
Zelfinzicht meet je niet door ernaar te vragen; dat meet zelfvertrouwen. We gebruiken vier indirecte signalen: hoeveel nuance je gebruikt, of je inschatting van je eigen antwoordpatroon klopt met wat je feitelijk invulde, of je tegenstrijdigheden in jezelf kunt laten staan, en of je een eerder oordeel herziet. Dit onderdeel is experimenteel en wordt voorzichtig gerapporteerd.
Controleerbare publicaties. Waar een bron een beperking onderbouwt in plaats van een claim, staat dat erbij.
National Institute of Standards and Technology (2023). AI Risk Management Framework (AI RMF 1.0). NIST.
Gebruikt als structuur voor het risicomanagement rond de AI-onderdelen van dit product.
Sackett, P. R., Zhang, C., Berry, C. M., & Lievens, F. (2022). Revisiting meta-analytic estimates of validity in personnel selection. Journal of Applied Psychology, 107(11), 2040–2068.
Corrigeert eerdere, te optimistische schattingen van de voorspellende waarde van selectie-instrumenten. Direct de reden dat dit product geen geschiktheidscijfer produceert.
Zell, E., & Lesick, T. L. (2022). Big five personality traits and performance: A quantitative synthesis of 50+ meta-analyses. Journal of Personality, 90(4), 559–573.
Onderbouwt dat Big Five-trekken samenhangen met prestatie-uitkomsten, met effectgroottes die doorgaans klein tot middelgroot zijn. Reden om nooit een individuele voorspelling te doen op basis van één trek.
Hook, J. N., Hall, T. W., Davis, D. E., Van Tongeren, D. R., & Conner, M. (2021). The Enneagram: A systematic review of the literature and directions for future research. Journal of Clinical Psychology, 77(4), 865–883.
Gebruikt om de beperkingen van het Enneagram te onderbouwen. De review laat gemengde resultaten zien; daarom is deze module gelabeld als reflectief raamwerk en uitgesloten van selectiegebruik.
McGrath, R. E. (2019). Technical report: The VIA Assessment Suite for Adults. VIA Institute on Character.
Relevant wanneer karaktersterktes conceptueel worden gebruikt. Let op: VIA-items zijn NIET vrij te gebruiken. Dit product gebruikt geen VIA-items; het onderscheid tussen persoonlijkheid en karaktersterkte is wel ontleend aan deze literatuur.
McNeish, D. (2018). Thanks coefficient alpha, we will take it from here. Psychological Methods, 23(3), 412–433.
Reden waarom het validatieplan McDonalds omega rapporteert in plaats van uitsluitend Cronbachs alpha.
Society for Industrial and Organizational Psychology (2018). Principles for the Validation and Use of Personnel Selection Procedures (5th ed.). Industrial and Organizational Psychology, 11(S1), 1–97.
Bepaalt de eisen waaraan moet zijn voldaan voordat een instrument voor personeelsselectie mag worden ingezet. De feature flag B2B_SELECTION_MODE blijft uit tot die stappen zijn afgerond.
American Educational Research Association, American Psychological Association, & National Council on Measurement in Education (2014). Standards for Educational and Psychological Testing. American Educational Research Association.
Het normenkader waar het validatieprogramma van dit product op is gebaseerd: validiteit als eigenschap van een gebruik, niet van een test.
Schwartz, S. H., Cieciuch, J., Vecchione, M., Davidov, E., Fischer, R., Beierlein, C., et al. (2012). Refining the theory of basic individual values. Journal of Personality and Social Psychology, 103(4), 663–688.
Het referentiekader voor de module Kernwaarden. De circumplexstructuur bepaalt welke waarden in het rapport als botsend worden gepresenteerd.
Steger, M. F., Frazier, P., Oishi, S., & Kaler, M. (2006). The Meaning in Life Questionnaire: Assessing the presence of and search for meaning in life. Journal of Counseling Psychology, 53(1), 80–93.
De bron van het onderscheid tussen aanwezigheid van betekenis en zoeken naar betekenis, dat in de module Zingeving als twee losse schalen is overgenomen. De items in dit product zijn origineel.
Goldberg, L. R., et al. (2006). The International Personality Item Pool and the future of public-domain personality measures. Journal of Research in Personality, 40(1), 84–96.
De publiek domein itempool waarop de Nederlandse Big Five-items van dit instrument zijn gebaseerd. IPIP-items zijn vrij van licentiekosten, ook commercieel.
Barrick, M. R., & Mount, M. K. (1991). The big five personality dimensions and job performance: A meta-analysis. Personnel Psychology, 44(1), 1–26.
Klassieke meta-analyse waarin consciëntieusheid over functies heen de meest consistente samenhang met werkprestatie laat zien.
89 dimensies, met wat elk beweert te meten en welke onderbouwing eronder ligt.
| Dimensie | Wat het meet | Onderbouwing | Zichtbaar voor werkgever |
|---|---|---|---|
| Zelfbeschikking | Zelf bepalen, eigen keuzes maken, onafhankelijk denken en handelen. | Sterk onderbouwd | Nee |
| Stimulatie | Afwisseling, uitdaging en nieuwe ervaringen zoeken. | Sterk onderbouwd | Nee |
| Plezier | Genieten, plezier hebben, het leven prettig maken. | Sterk onderbouwd | Nee |
| Prestatie | Goed presteren volgens maatstaven die anderen herkennen. | Sterk onderbouwd | Nee |
| Invloed | Zeggenschap, status en het vermogen om zaken te sturen. | Sterk onderbouwd | Nee |
| Zekerheid | Veiligheid, stabiliteit en voorspelbaarheid voor jezelf en je omgeving. | Sterk onderbouwd | Nee |
| Afstemming | Je houden aan afspraken en verwachtingen, anderen niet voor het hoofd stoten. | Sterk onderbouwd | Nee |
| Traditie | Respect voor gewoonten, herkomst en wat zich bewezen heeft. | Sterk onderbouwd | Nee |
| Zorgzaamheid | Het welzijn van mensen dicht bij je actief beschermen. | Sterk onderbouwd | Nee |
| Rechtvaardigheid breed | Begrip en bescherming voor alle mensen en voor de natuur. | Sterk onderbouwd | Nee |
| Rechtvaardigheid | De neiging om te wegen of iets eerlijk verdeeld is en of regels voor iedereen gelijk gelden. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Zorg voor betrokkenen | Aandacht voor wie geraakt wordt door een besluit, en hoe hard dat aankomt. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Loyaliteit | Trouw aan de mensen en groepen waar je bij hoort. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Autonomie | Het recht van mensen om zelf te beslissen, ook als je het er niet mee eens bent. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Regels en afspraken | De neiging om de afgesproken regel te volgen, ook als die in dit geval ongemakkelijk uitpakt. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Gevolgen | De neiging om te kiezen op basis van wat de uitkomst is, niet op basis van het principe. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Waarheid | Hoe zwaar het weegt om te zeggen wat er werkelijk aan de hand is. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Moed | De bereidheid om positie te kiezen als dat je iets kost. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Doorgronden | Snel de structuur onder een probleem zien en oorzaken van gevolgen scheiden. | Validatie loopt | Ja |
| Ordenen | Chaos hanteerbaar maken: overzicht, volgorde, afspraken die blijven staan. | Validatie loopt | Ja |
| Bedenken | Nieuwe mogelijkheden zien en verbanden leggen die niet voor de hand liggen. | Validatie loopt | Ja |
| Verbinden | Contact maken, mensen bij elkaar brengen en verhoudingen aanvoelen. | Validatie loopt | Ja |
| Overtuigen | Een richting neerzetten waar anderen in meegaan. | Validatie loopt | Ja |
| Begeleiden | Merken wat iemand nodig heeft en daar iets mee doen. | Validatie loopt | Ja |
| Afmaken | Van plan naar af komen, ook als het saai of taai wordt. | Validatie loopt | Ja |
| Leren | Snel iets nieuws oppakken en er meteen mee aan de slag gaan. | Validatie loopt | Ja |
| Rust houden | Helder blijven als de druk oploopt of de sfeer gespannen is. | Validatie loopt | Ja |
| Vakmanschap | Verschil zien tussen goed en bijna goed, en dat verschil willen maken. | Validatie loopt | Ja |
| Aanwezigheid van betekenis | De mate waarin je nu ervaart dat je leven ergens over gaat. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Zoeken naar betekenis | De mate waarin je actief op zoek bent naar wat het voor jou moet zijn. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Bijdrage | Hoe sterk je betekenis koppelt aan wat je voor anderen betekent. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Samenhang | De mate waarin je eigen verhaal voor jou logisch in elkaar zit. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Openheid | Belangstelling voor ideeën, verbeelding, nieuwe manieren van kijken. | Sterk onderbouwd | Ja |
| Consciëntieusheid | Ordelijkheid, doorzetten, afspraken nakomen, vooruit plannen. | Sterk onderbouwd | Ja |
| Extraversie | Energie halen uit contact, zichtbaar zijn, tempo in gezelschap. | Sterk onderbouwd | Ja |
| Meegaandheid | Vertrouwen geven, meebewegen, conflict vermijden of opzoeken. | Sterk onderbouwd | Ja |
| Emotionele stabiliteit | Hoe snel spanning oploopt en hoe snel die weer wegzakt. | Sterk onderbouwd | Ja |
| Dominantie (D) | Direct sturen, knopen doorhakken, tempo maken op resultaat. | Reflectief raamwerk | Ja |
| Invloed (I) | Enthousiasmeren, contact leggen, mensen meekrijgen. | Reflectief raamwerk | Ja |
| Stabiliteit (S) | Rust brengen, ondersteunen, continuïteit bewaken. | Reflectief raamwerk | Ja |
| Consciëntieusheid (C) | Nauwkeurigheid, kwaliteit, kloppende details en heldere criteria. | Reflectief raamwerk | Ja |
| Type 1 — de perfectionist | Gericht op het goed doen, verbeteren, integriteit. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Type 2 — de helper | Gericht op nodig zijn, geven, relaties onderhouden. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Type 3 — de presteerder | Gericht op slagen, effectiviteit, waardering voor resultaat. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Type 4 — de individualist | Gericht op echtheid, diepte, het eigen unieke gevoel. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Type 5 — de onderzoeker | Gericht op begrijpen, ruimte, zelfstandigheid. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Type 6 — de loyalist | Gericht op zekerheid, voorbereid zijn, betrouwbaarheid. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Type 7 — de avonturier | Gericht op mogelijkheden, vrijheid, positief houden. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Type 8 — de uitdager | Gericht op kracht, directheid, beschermen. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Type 9 — de vredestichter | Gericht op harmonie, rust, verbinding houden. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Directheid op werk | Hoe recht op het doel je bent in een werkomgeving. | Validatie loopt | Ja |
| Directheid privé | Hoe recht op het doel je bent bij mensen die dicht bij je staan. | Validatie loopt | Nee |
| Zichtbaarheid in nieuwe groepen | Hoeveel ruimte je inneemt tussen mensen die je nog niet kent. | Validatie loopt | Ja |
| Zichtbaarheid in bekende groepen | Hoeveel ruimte je inneemt bij mensen die je goed kent. | Validatie loopt | Ja |
| Grip onder druk | Hoeveel overzicht je houdt als tijd of belang toeneemt. | Validatie loopt | Ja |
| Conflict opzoeken | Of je een meningsverschil aangaat of eerst laat liggen. | Validatie loopt | Ja |
| Omgaan met verandering | Hoe je reageert als de situatie plotseling anders wordt. | Validatie loopt | Ja |
| Feedback ontvangen | Wat er gebeurt als iemand kritiek geeft op je werk. | Validatie loopt | Ja |
| Hechtingsangst | Hoeveel onrust je voelt over de vraag of de mensen die je liefhebt blijven. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Hechtingsvermijding | Hoe comfortabel je bent met nabijheid en met op anderen leunen. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Vechten | Onder hoge spanning in de aanval gaan: fel worden, controle terugpakken. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Vluchten | Onder hoge spanning in beweging komen: wegwillen, of harder gaan werken en plannen. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Bevriezen | Onder hoge spanning dichtslaan: leeg hoofd, verdoofd, even niet kunnen handelen. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Pleasen | Onder hoge spanning de ander tevreden stellen om de rust terug te krijgen. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Wees perfect | De innerlijke opdracht dat het pas goed is als het foutloos is. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Doe anderen een plezier | De innerlijke opdracht dat je pas oké bent als de ander tevreden is. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Wees sterk | De innerlijke opdracht om niets te laten merken en het zelf te redden. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Doe je best | De innerlijke opdracht dat het vooral moeite moet kosten, meer dan dat het af moet. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Haast je | De innerlijke opdracht om snel te zijn en geen tijd te verliezen. | Reflectief raamwerk | Nee |
| Controleren | Pijn opvangen door te regelen, organiseren en overzicht te houden. | Experimenteel | Nee |
| Terugtrekken | Pijn opvangen door je terug te trekken en het alleen te dragen. | Experimenteel | Nee |
| Verdoven | Pijn opvangen door afleiding: schermen, eten, werk, middelen, bezig blijven. | Experimenteel | Nee |
| Wegredeneren | Pijn opvangen door te analyseren en te verklaren in plaats van te voelen. | Experimenteel | Nee |
| Vroege veiligheid | Hoe welkom je gevoelens als jong kind voelden, zoals je het je nu herinnert. | Experimenteel | Nee |
| Voorwaardelijke waardering | Hoe sterk je als kind leerde dat aandacht verdiend moest worden met goed of lief zijn. | Experimenteel | Nee |
| Zelfcompassie | Hoe mild en zorgzaam je met jezelf omgaat als het tegenzit. | Redelijk onderbouwd | Nee |
| Masker | Hoeveel je jezelf aanpast en afschermt, en hoe weinig mensen je echt kennen. | Experimenteel | Nee |
| Nuance | De mate waarin je jezelf in "het hangt ervan af" kunt beschrijven in plaats van in absolute termen. | Experimenteel | Nee |
| Kalibratie | Hoe goed je inschatting van je eigen antwoordpatroon overeenkomt met wat je feitelijk hebt geantwoord. | Experimenteel | Nee |
| Ruimte voor tegenstrijdigheid | De mate waarin je kunt erkennen dat twee dingen die botsen allebei op jou van toepassing zijn. | Experimenteel | Nee |
| Bijstellen | De bereidheid om een eerder oordeel over jezelf te herzien als iets anders blijkt. | Experimenteel | Nee |
| Openheid voor feedback | Wat je doet met informatie over jezelf die je liever niet had gehoord. | Redelijk onderbouwd | Ja |
| Reflectievermogen | De gewoonte om achteraf te bekijken wat er gebeurde en wat jouw aandeel was. | Redelijk onderbouwd | Ja |
| Verantwoordelijkheid nemen | Of je je eigen deel benoemt als iets misgaat. | Redelijk onderbouwd | Ja |
| Gedrag testen | De bereidheid om iets anders te proberen voordat je zeker weet dat het werkt. | Redelijk onderbouwd | Ja |
| Leeroriëntatie | Of je een taak kiest om te leren of om te laten zien dat je het kunt. | Redelijk onderbouwd | Ja |
| Omgaan met fouten | Wat een fout met je doet en hoe snel je weer aan de slag bent. | Redelijk onderbouwd | Ja |
| Nieuwsgierigheid | Hoeveel je uit jezelf onderzoekt wat je nog niet weet. | Redelijk onderbouwd | Ja |
| Volharding | Hoe lang je doorgaat als iets niet meteen lukt. | Redelijk onderbouwd | Ja |
De gratis Handleiding duurt ongeveer tien minuten en kost niets. Je ziet bij elke uitspraak hoe zeker die is en waar hij op berust — precies zoals hierboven beschreven.